Manonhm

Mijn blog over de mooie en interessante dingen des levens.

Bijzondere knieval

Spanish Oaks/ Hyde Park Austin, geen verkeerde naam voor het appartement dat ik in april in Austin huurde. En ja, het was echt zo mooi als op de foto’s te zien is: met zwembad, twee fietsen, groot gasfornuis, nog grotere tv, super attente host en heerlijke buurt. Ik kwam bij het appartement via de website www.airbnb.com

Ik vond airbnb echt een succes en was laatst alweer op zoek naar nieuwe uitvalsmogelijkheden. Het mooie aan airbnb is het gevoel van veiligheid dat ik kreeg. En natuurlijk het fantastische aanbod aan appartementen dat ze hebben. Check voor de lol eens de huizen in New York, Berlijn of Sardinië. Echt top.

Tot mijn verbazing kreeg ik echter gisteren een aan mij persoonlijk gerichte email van Brian Chesky, de CEO van airbnb. In eerste instantie wilde ik de mail deleten maar toen viel mijn oog op de tekst ‘the home of a San Francisco host named EJ was tragically vandalized by a guest’. De zinsnede blijkt aanloop te zijn naar een zeer grote publiekelijke knieval van airbnb:

“When we learned of this our hearts sank. We felt paralyzed, and over the last four weeks, we have really screwed things up. Earlier this week, I wrote a blog post trying to explain the situation, but it didn’t reflect my true feelings. So here we go.

……

With regards to EJ, we let her down, and for that we are very sorry. We should have responded faster, communicated more sensitively, and taken more decisive action to make sure she felt safe and secure. But we weren’t prepared for the crisis and we dropped the ball”.

En zo gaat het nog even verder. Airbnb neemt naar aanleiding van dit voorval ook allerlei extra voorzorgsmaatregelen zoals een 24-hour customer line. En daarnaast geldt er vanaf 15 augustus een soort garantie van 50.000 dollar voor hosts. Dus als er iets gesloopt of gestolen wordt, krijgt de host een schadevergoeding oplopend tot een halve ton. Wat het betekent voor de bemiddelingskosten staat er niet bij (die zijn nu tamelijk laag) maar ik mag hopen dat dat bedrag niet doorberekent wordt.

Waarom is dit nu zo bijzonder dat ik er een stukje tekst aan wijt? Twee dingen eigenlijk. Ook de Financial Times besteedde er vandaag een artikel aan – vond ik wel opvallend voor zo’n krant. En daarnaast getuigt deze schuldbekentenis echt van een nieuwe strategie van ondernemingen. Waar ouderwetse bedrijven en oude grijze CEO’s meteen schuld ontkennen, of erger, de schuld doorschuiven, gaan andere bedrijven en CEO’s er een stuk slimmer mee om. Namelijk de pijn omarmen, luisteren en samen naar oplossingen zoeken. Kom je een stuk verder mee en je behoudt je klanten. En mijn sympathie;-)

Debt Deal en Gabrielle Giffords is back

Het leek verdomd veel op een spelletje ‘chicken’ de afgelopen dagen in de VS. Wie wijkt het eerst uit en verlaat zijn stellingen, leek de vraag. We weten nu allemaal dat er een deal ligt – waar niemand echt tevreden mee lijkt te zijn. Ook Jon Stewart heeft er zijn eigen kijk op – check zijn Daily Show van gisteren. Maar er was nog wat aan de hand – een van de personen die instemde met het akkoord was de democratische afgevaardigde Gabrielle Giffords uit Arizona. Waarom bijzonder?

Giffords werd in januari dit jaar in haar hoofd geschoten terwijl ze op campagne was in Tuscon. Zes mensen stierven en velen raakten gewond bij deze aanslag die ook echt op haar gericht was. Voor Giffords zag het er in het begin niet goed uit, vele operaties volgden. Maar ze heeft het gelukkig dus overleefd – en hoe. Op C-Span zijn mooie beelden, typisch Amerikaanse beelden, te zien met veel tranen en omhelzingen. En natuurlijk met speeches over de ‘courage’ die Amerikanen zo kenmerkt. Maar ik vind het toch wel heel bijzonder. En ze maakt ook wel een statement door juist bij deze stemming terug te keren in Washington.

Wallmart van de boeken in de problemen

Eerder schreef ik al over de financiële nood van boekhandel Selexyz. Tot mijn verbazing is het namelijk deze boekenmagnaat die het meeste last heeft van de Amazon’s en Bolpuntcom’s van deze wereld. En dus niet per definitie de kleine boekhandeltjes op de hoek. 

Hetzelfde gebeurt nu in de Verenigde Staten aldus een artikel in NRC Handelsblad. Megaboekhandel Borders maakte afgelopen week bekend faillissement aan te moeten vragen. Borders is met ruim 500 winkels wereldwijd en bijna 20.000 medewerkers één van de grotere bookstores. Volgens een woordvoerder van de winkel hebben ze vooral last van de opkomst van de e-reader. Borders staat overigens niet alleen - ook de andere megaketen Barnes&Noble doet het een stuk minder dan een paar jaar terug. Tegen de verwachting in doen de kleinere boekwinkels op de hoek in de VS het wel goed. Zij kiezen met zorg hun boeken en auteurs die ze op de schappen zetten. En ze spelen bewust of onbewust in op het sentiment van de consument – die steunen graag de kleine boekhandel én bestellen via internet.

Een film die juist het tegenovergestelde verhaal vertelt is natuurlijk You’ve got mail (1998). Tom Hanks is Joe Fox, de grote boze eigenaar van Fox books, een keten van megaboekwinkels die de kleine boekhandeltjes opslokt. Een van die winkeltjes is The Shop Around the Corner van Kathleen Kelly, gespeeld door Meg Ryan. Door een speling van het lot dat internetdating heet worden zij natuurlijk verliefd op elkaar.

Het is wel begrijpelijk dat velen denken dat deze film ook de realiteit weerspiegelt. Dat was ook misschien wel zo in de tijd dat de film uitkwam. Sowieso, het opkopen van kleine winkeltjes door grote reuzen is een bekend verhaal. Denk aan Albert Heijn die de kruidenier en de  slager op de hoek verdringt. Of Wallmart die hetzelfde doet in de VS, maar dan nog breder dan alleen voedingswaren (sportspullen, meubels etc).

Inmiddels lijkt het dus dat een omgekeerde beweging gaande is – de kleintjes blijven overeind en de mega’s delven het onderspit. Ben benieuwd of dat blijvend is en of dat het overslaat naar andere sectoren dan de boekwinkel.

The Kings of Convenience gaan naar ‘Into The Great Wide Open’, en ik ook!! Tijdens een weekendje in september op Vlieland.

Joni & James

‘The Circle Game’ – ik kon het vorige week niet laten om deze CD te kopen. Op goed geluk – de hoes sprak me wel aan. Joni Mitchell kende ik vooral van het nummer ‘ Big Yellow Taxi’, maar Taylor kende ik niet.

De CD bevat live opnames uit 1970 uit The Royal Albert Hall. Na een paar keer luisteren ben ik verkocht. Joni Mitchell en James Taylor spelen prachtig samen en hebben grappige gesprekjes, onderling en met het publiek. Joni’s stem heeft als ze vertelt een hoog ( ik las ergens ‘engel-achtig’) en vriendelijke geluid. Taylor vertelt droogjes.

The Circle Game heeft 11 nummers. Mijn favoriete nummers zijn ‘Rainy Day Man’ en ‘Carolina in My Mind’. The Circle Game, de titelsong, is bijzonder vanwege het verhaal dat Joni Mitchell vertelt ter introductie. Mitchell vertelt dat zij het nummer heeft geschreven om haarzelf en een vriend weer een beetje hoop te geven. De vriend, een folksinger, wordt 21 jaar (we spreken 1956) en is daarmee te oud om in een bepaalde club komen waar al zijn vrienden nog wel zijn. Hij krijgt het idee dat het leven ophoudt bij 21 en schrijft daar een nummer over. Joni vindt dit een deprimerende gedacht (‘a bleak thought’)  en schreef daarop vervolgens The Circle Game. Het refrein gaat als volgt:

“And the seasons they go ‘round and ‘round

And the painted ponies go up and down

We’re captive on the carousel of time

We can’t return we can only look behind

From where we came

And go round and round and round

In the circle game”

Steamroller

Een ander nummer op de CD is ‘Steamroller’ (zie het filmpje). Taylor vertelt dat hij het nummer heeft geschreven als antwoord op de blues muziek waarbij veel elektrische gitaren en versterkers (lots of noice) worden gebruikt,; hij heeft het er duidelijk niet zo op. Het sarcasme waarmee hij tegen deze muziek aankijkt is goed te horen en zien in een van de coupletten:

“Now, I’m a napalm bomb, baby

Just guaranteed to blow your mind

Yeah, I’m a napalm bomb for you, baby

Oh, guaranteed, just guaranteed to blow your mind

And if I can’t have your love for my own (now)

Sweet child, won’t be nothing left behind

It seems how lately, baby

Got a bad case steamroller blues”

Ik kan dit soort humor in muziek wel waarderen;-)

Houston

Het is zaterdagmiddag in juli en het regent zonder ophouden. Ik lig op de bank en sluit mijn ogen. Binnen een minuut ben ik terug, terug in Houston. De warme lucht op mijn armen, de opwinding in mijn lijf, de adrenaline klotst en doet mijn geest stuiteren.

Waar is iedereen? De straten zijn verlaten. Lege crossings. Overal parkeergarages. Hoge gebouwen, de hemel gaat eindeloos omhoog. Het volgende blok kan ik niet zien - verborgen achter steen en stad. Rond een uur of zes wordt de stad plotseling overgenomen door mensen. Waar komen die vandaan en waar gaan ze heen? Ze haasten zich naar auto’s en rijden weg.

De lightrail doorkruist de stad van noord naar zuid. Hoe verder naar beneden hoe donkerder en dikker de mensen. Bij het museumkwartier stappen de dan nog overgebleven blanken uit.

Ik kom in een andere wereld –aangeharkte parkjes, zandsteen-kleurige gebouwen, groepjes hoogopgeleide en goed verzorgde blanke vrouwen lopen af en aan. Museum in en uit. Een andere wereld.

Ik loop de weg weer terug naar mijn hotel. Ver en warm. Ik voel me zonderling – wie loopt er nu zo’n eind?  

Schot voor open doel gemist!

Ik kon het niet laten - na het lezen van een artikel in NRC over het WK vrouwenvoetbal moest ik een opgewonden mail sturen naar de redactie van deze krant.

Beste redactie,


Vrouwenvoetbal is sloom, er is los van grote evenementen geen aandacht voor en als man mag je er fijn seksistische grappen over maken. Jammer, dat ook NRC (in dit geval correspondent Joost van der Vaart) zich schuldig maakt aan het ophoesten van alle cliche’s die er bestaan over vrouwenvoetbal. In plaats van uitgebreid aandacht te besteden aan de zeer enerverende en spannende wedstrijd – Japan tegen de Verenigde Staten. En niet alleen deze wedstrijd, maar ook Brazilië tegen de VS had aandacht voor het spel (want, daar gaat het om) in deze krant meer dan verdiend.

Dan de opening van het artikel: Er is eindelijk aandacht. Vervolgens volgt er een heel verhaal dat het allemaal zo bijzonder is – er kijken miljoenen mensen naar een wedstrijd. Vrouwen treden uit de schaduw van het mannenvoetbal etc. Mag ik in herinnering brengen de enorme aandacht die Vera Pauw en haar vrouwenelftal in de zomer 2009 kreeg? En terecht, Nederland drong door tot de halve finale van het EK waar zij uiteindelijk verslagen werd door Engeland. Gelukkig maakt Van der Vaart nog melding van Mia Hamm. Hamm, inmiddels met pensioen, verdiende nog voor de eeuwwisseling al haar eerste miljoenen met voetbal. En ik herinner me nog goed dat ook Bill Clinton al op de tribune zat toen de VS in 1999 het WK organiseerden en wonnen. En ook Obama keek naar de wedstrijd gisteren getuige zijn tweets.

Kortom, het artikel in de NRC van 17 juli is een gemiste kans. In plaats van een gedegen wedstrijdverslag zoals dat bij een bijzondere wedstrijd hoort, trapt Van der Vaart letterlijke alle open deuren in. Dat noem ik het missen van een schot voor open doel.


Vriendelijke groet,

Saturday afternoon

The sun woke me up at six. Jumped out of bed. 

Made myself a cup of coffee on this perfect morning

Read an article in an old magazine and got dressed. 

Put on jeans and hooded sweater 

Bougth strawberries and blueberries

At the Turkish shop around the corner

Forgot to pick up tomatoes and eggplant.

Got my ears pierced in the US of A.

Listened to old records in the same street - couldn’t resist an old Joni Mitchell record.

 

While driving home it started to rain.

Leaving the green leaves wet and dreary

It made summer look like autumn.

Get rich or die tryin’

De Volkskrant kopt vandaag dat de salarissen van topmannen weer stijgen. Na twee mindere jaren neemt hun inkomen, voornamelijk door de bonus die ze uitgekeerd krijgen, weer toe. Dit ondersteunt het beeld dat The Financial Times in de afgelopen weken schetste. In de serie ‘the Squeezed Middle’ vertellen verschillende artikelen hoe het er voor staat met inkomens aan de top en de toenemende moeite die de middle class heeft om rond te komen. De serie kijkt naar verschillende landen maar de artikelen over de Verenigde Staten vind ik het meest sprekend, ook vanwege de koppen!

Top Dogs

Het artikel met de vette kop ‘Top dogs take bigger slice of spoils’ stelt dat de inkomens van de 1% allerrijksten in de VS blijft stijgen. Waar hun deel van het totale Amerikaanse inkomen onder de Clinton-jaren nog  ‘slechts’ 45 % bedroeg, steeg dat in de Bush-jaren naar 65%. Daar komt dan nog eens bij dat de super-super-rijken nog rijker zijn geworden (ook de top kent dus zijn armen!).

Hoe kan dat?

Het artikel stelt vervolgens de vraag waar dat nu vandaan komt. Misschien zijn de rijken gewoon wel veel slimmer? En worden ze daar terecht voor beloond. Of misschien leven we inmiddels in een wereld van de ‘winner takes all’? Deze theorie stelt dat kleine verschillen in talent aan de top, extreem worden beloond. Een andere verklaring is dat de rijken zichzelf gewoon veel geld blijven toeschuiven. Niet een hele vreemde gedachte als je kijkt naar de bonuscultuur die bijvoorbeeld in de financiële sector heerst.

Andere artikelen

De andere artikelen in de serie gaan over de struggles van de middenklasse op allerlei vlakken. Een aantal statements die gemaakt worden:

  • -       In ‘Debt fears drive US youth away from college’: college en onderwijs wordt onbetaalbaar (nog meer dan het al was) en het is niet meer zo dat een college opleiding automatisch een betere toekomst betekent.
  • -       In ‘Death of American dream hits demand’: het realiseren van de Amerikaanse droom lijkt een illusie
  • -       Amerikanen zitten opgesloten in hun eigen huizen (meer dan een miljoen mensen is meer geld schuldig dan dat hun huis waard is)
  • -       Steeds meer Amerikanen hebben meerdere banen nodig om in hun bestaan te voorzien.
  • -       Er zijn meer banen aan de bovenkant en onderkant gecreëerd dan voor de middenklasse.

Onderwijs en schuld

Vooral het artikel over het nut en noodzaak van college education prikkelt me om even te googlen. Na wat zoeken vind ik dat een gemiddeld collegegeld voor een publieke uni per jaar in de VS rond de 12.000 dollar zit. Nogal een verschil met de ruim 1600 Euro per jaar in Nederland. En dan hebben we het nog niet eens over de private scholen. De gemiddelde schuld van een Amerikaanse student die een publieke uni heeft bezocht is na 4 jaar studie rond de 25 000 dollar. In Nederland zitten we rond de 12 500 Euro. Maar ook dat laatste bedrag schijnt jaarlijks te stijgen. En dat is eigenlijk wel vreemd als je kijkt naar het verschil in collegegeld; Amerikanen betalen veel en veel meer collegegeld, maar hebben dan eigenlijk relatief weinig schuld als je kijkt naar onze verhouding schuld-collegegeld.

To be continued

Anyway, interessante artikelen in het FT. Met food for thought, zeker met het oog op de volgende Amerikaanse verkiezingen… To be continued dus wat mij betreft.

Gedraai en getol

Mooie kop in het economiekatern van NRC van gisteren: ‘De Jager draait niet, zegt De Jager’. Past wel een beetje in de categorie ‘wij van wc-eend, adviseren wc-eend’. Ik vraag me trouwens altijd af wat er toch mis is met het opdoen van nieuwe inzichten en daar (op eervolle wijze) naar verwijzen. Sowieso helpt het als je vanaf het begin genuanceerd optreedt, dan wordt de kans dat je van draaien wordt beschuldigd een stuk kleiner.

En als niets meer helpt, is er altijd de prachtige zin, nota bene verzonnen door De Jager’s partijgenoot JPB – ‘Met de kennis van nu….”

Roadtrip Firenze

Roadtrips behoeven eigenlijk geen redenen. Een Roadtrip is gewoon. Het is rijden om het rijden. Het is rijden om het avontuur, om weg te zijn. Ergens anders te zijn. Soms heeft een roadtrip wel een reden en dan is het eigenlijk ook ok. 

Zusje R verhuist vanwege professionele redenen per direct van Florence naar Nederland. EUI –  in woord een prestigieuze uni gefinancierd door de EU - bleek in daad een weinig stimulerende onderzoeksomgeving.  R gaat dus nu in ons bescheiden landje een serieuze bijdrage leveren aan de kenniseconomie. Echter plan de campagne voor de korte termijn is: met de auto van Amsterdam naar Florence en weer terug.

De roadtrip ging afgelopen vrijdag van start vanuit Amsterdam. In ruim zeven uur rijden we in een zilveren Peugeot (vrouwen definiëren auto’s zoals iedereen weet voornamelijk op kleur) naar het Franse Straatsburg. Straatsburg is een stad waar ik ruim 1,5 jaar geleden minimaal eens per twee maanden een paar dagen doorbracht. Ik kan er echter, los van de Kathedraal, weinig vinden – als assistent van een Europarlementarier zag je voornamelijk je mini-kantoor in het Europees Parlement, je hotel en de taxi die je van EP naar een restaurantje en vervolgens naar bed bracht. Zonder ooit de tijd te hebben de stad te leren kennen (en helaas ook niet voor extravagante lunches). Straatsburg blijkt echter reuze leuk; veel fijne eettentjes, winkeltjes (ik heb de kunsten maar gesubsidieerd – iemand moet het toch doen – door een klein schilderijtje van een nog onbekende kunstenares te kopen) en mooie gebouwen omringd door water.

Na een beetje brakke nacht (door het bed, niet de alcohol) rijden we zaterdagochtend richting Florence – in ruim acht uur.  Met een onbedoeld uitstapje naar de binnenstad van Milaan – waardoor ik ook San Siro weer van mijn to-see-lijstje kan schrappen. Onderweg dicteert mijn muzieksmaak – R koopt geen cd’s meer - dat is zo pre-DLT (downloadtijd).

We beginnen met het album ‘Detours’ van Sheryl Crow. Het nummer ‘Gasoline’ past erg goed bij het moment dat we echt moeten tanken maar er net geen tankstation in de buurt is. Dan volgt al snel – I can’t help myself- Bruce Springsteen.Bruce zingt ‘Brunettes are fine, blonds are fun, but when it comes to get the job done you need a redhead’. Dat komt goed uit – R en ik zijn beiden blond en zoals R omschrijft ‘we hebben een rode gloed’. Blonde on Blonde van Bob Dylan, ook van toepassing op onze haarkleur, draaien we maar kort – de revolutionaire gevoelens van de muziek passen maar matig bij het netjes aangeharkte en bijgeknipte Duitse landschap. Gelukkig bevat mijn collectie meer keuze in de categorie  ‘Oude Grijze Mannen’, namelijk Tom Waits. Het nummer ‘What’s he building in there?’ past goed bij Zwitserland. Het gaat over mannen en kelders (hoort natuurlijk eigenlijk bij Oostenrijk, maar daar rijden we niet doorheen). Ook de Dixie Chicks mogen niet ontbreken. Ze passen dan wel beter bij het Texaanse landschap, maar bij gebrek aan een espressobar in de Peugeot, bewijzen de Chicks hun waarde door mij wakker te houden. De Peugeot rockt!

Onderweg is het een gaan en komen van vrachtwagens (echt heel veel), campers, caravans, aanhangwagens, idiote Italianen en ander verkeer. Maar het schiet redelijk op – ik tik met trots de 155 km per uur aan. De bergen, de bomen, het uitzicht op lichtblauw (azuur?) water in Zwitserland is prachtig. Door de vele tunnels verbeteren wij onze rijvaardigheid en dankzij een file op een klimmetje gaat ook de hellingproef van een lijen dakje.  De truc is eigenlijk best simpel – niet te vroeg of te laat je voet van de rem halen. Met recht kunnen R en ik nu zeggen; R en M voor al uw verhuizingen in de bergen. R voegt graag toe dat we btw niet goedkoop zijn. 

Zaterdagavond komen we stipt op (Italiaanse) tijd, namelijk veertig minuten later, aan bij het restaurant waar ze aldus R. de beste pizza van Florence bakken. En ik moet zeggen – daar zit ze niet ver naast. 

Op zondag zien we dat het goed was. En dus gaan we shoppen. Miljoenen mensen gaan mij waarschijnlijk voor, maar ik zeg het toch ‘ Florence is heel erg fijn’. Heerlijk weer, nog heerlijker eten en zulke schattige winkeltjes! En R. heeft een erg fijn appartement – midden in een Jordaan-maar-dan-beter-achtige-wijk – met een hoog plavond en ruimte zat. Met in mijn achterhoofd shopping bijbel ‘the Paradox of Choice’ van Barry Schwarz weet ik mij in te houden en koop slechts 1 tas. ’s Avonds stoppen we de auto vol met R haar spullen, eten een laatste pizza (ook erg lekker) en daarmee zijn we klaar voor het vervolg van de roadtrip.

Maandagochtend – na een laatste espresso – rijden we weer langs Milaan, door Zwitserland, langs Basel door naar Mulhouse, net over de Franse grens. Het is een flink eind maar ook dit maal houden de oude mannen ons op de weg. Bob’s Modern Times doet het goed en inmiddels kan ook R alle nummers van het New York live album van Bruce uit 2000 mee declameren (wij zijn niet zulke goede zangers, vind ik althans). Mulhouse is een beetje vreemde stad – op Wikipedia lees ik dat het ruim 2 miljoen inwoners heeft, tot Duits grondgebied hoorde van ergens 1870 tot 1918 en dat het is opgericht ergens in 800. Maar als we rondlopen vinden we het vooral een beetje uitgestorven en ik vind het een hoog Kalverstraatgehalte hebben (maar dan dus zonder mensen).

Op dinsdagochtend blijf ik nog even lui in mijn bed liggen terwijl R ontbijt en zowaar koffie voor me mee neemt (waarvoor hulde). Rond een uur of twee zijn bijna bij Constanze en reist de vraag of we niet gewoon meteen door moeten rijden naar Amsterdam in plaats van te overnachten in Bonn zoals plan. Na een telefoontje met het thuisfront  - “Bonn is saai, een uit de kluiten gegroeid dorp”- besluiten we voor het eerste – meteen door naar NL. Net over de grens van Duitsland merk je meteen dat je in Nederland bent. Je wordt eerst door dorpachtig NL geleid voordat je veilig de snelweg op mag, iedereen rijdt langzamer en zit dichter op je bumper. Met een beetje doorrijden (hopelijk niet geflitst of sneller dan het licht gereden) komen we rond half zeven in Amsterdam aan. Voor mij is de minibreak ten einde. Zusje R moet nog een half uurtje door naar B.

Al met al kan ik zeggen dat een roadtrip met reden ook best fijn is. Zeker als daar pizza’s, tassen, goed gezelschap en lekker weer bij inbegrepen zijn. 

The Head and the Heart

Na een toasted sesame bagel with plain creamcheese liep ik ergens in april een hippe bakker/hangout in Austin uit. Buiten zaten allemaal angelheaded hipsters met hun laptopjes, krantjes en tall machiatto’s in de zon. Onderweg naar de deur hield iets me tegen –en deed me omdraaien, weer richting kassa. Mijn oor was gevallen op de muziek die werd gedraaid in het winkeltje. Hele relaxte muziek maar toch met een beetje edge.

De meisjes aan de kassa- type verwaaid en ververfd zwart haar en ubervriendelijk- vertelden me dat ik The Head and the Heart hoorde. Een bandje uit Seattle. In de tweedehands CD-winkels die ik bezocht in Austin en Dallas kon ik ze helaas niet vinden.

Eenmaal thuis in Amsterdam luisterde ik vooral naar ze via Youtube. Hun CD bleek wel via Amazon te bestellen te zijn maar dat duurde me allemaal te lang. Dus toch maar via Itunes gekocht. En dat valt echt niet tegen. Vooral het nummer ‘Lost in my mind’ is erg prettig. De rest van de nummers zijn ook fijn – simpele maar mooie teksten, energieke folky popmuziek –meer dan genoeg om te blijven spelen!

En nu wil het mooie, ik lees net dat ze komende week optreden in de Melkweg. En nu het slechte nieuws- ze treden op als voorprogramma van ‘Death Cab and Cutie’ en de show is uitverkocht.

Ik doe het ook nooit goed!

Vorige week schreef ik nog dat ik kleine boekwinkels zoals Zwart-op-Wit steun en daarom grote boekhandels als Selexyz zoveel mogelijk mijd. Zul je altijd zien, staat er woensdag een artikel in de krant waarin staat dat het slecht gaat met Selexyz- er worden mensen ontslagen. Moet ik daar weer heen… 

Bijdrages aan een betere wereld

Er gaat echt geen week voorbij of ik lees weer ergens dat het einde van de krant, het boek en vooral ook de boekwinkel in zicht is. In het kader ‘ik doe ook iets goeds voor de wereld -al is het maar een klein beetje’ koop ik tegenwoordig weer meer boeken bij kleinere boekhandels. Want ook ik was uit luiigheid vaker te vinden in de Selexyz of webwinkel Bol dan bij de kleine middenstander!

Mijn favo boekhandel is Zwart op Wit op de Utrechtsestraat. Een klein winkeltje met goede openingstijden, heel aardig en kundig personeel en een prachtige collectie boeken. Vooral de planken met Amerikaanse literatuur zijn top – en niet belangrijk- goedkoop!

Sinds kort koop ik ook bij Inkt&Olie op de Ferdinand Bolstraat – een beetje verborgen achter de puinhopen van de Noord-Zuidlijn. Eerder kocht ik daar het nieuwe boek van Mei Li Vos ‘Politiek voor de leek’. Een aanrader – voor een voormalig bewoner van de Tweede Kamer en omstreken is het zeer herkenbaar en ook de verweving van politicologische wetenswaardigheden en theorie maakt het boek interessant.

Woensdag kocht ik bij Inkt&Olie twee boekjes. Het 24ste boek van Anita Brookner ‘Strangers’ en een bundel van verhalen ‘Holidays on Ice’ van David Sedaris. Tot mijn schande moet ik bekennen dat ik nog nooit van Brookner had gehoord en minstens zo erg, nog nooit wat van Sedaris had gelezen. Meteen met Sedaris begonnen. Ben absoluut geen fan van verhalen over kerstmis – zeker niet als het zomer is en het regent – maar de verhalen van Sedaris zijn zo slim en bizar dat ik me daar maar overheen heb gezet.

Het verhaal ‘Christmas means giving’ vertelt bijvoorbeeld het verhaal over een soort rat-race tussen twee buren over wie er het meest welvarend is. Dat begint natuurlijk met het tegen elkaar opbieden van de grootste zwembaden, auto’s en de mooiste zelfgemaakte kerstkaart. Op een gegeven moment slaat deze strijd om naar wie er het meest genereus is. Dat begint met het afstaan van hun kinderen aan een dakloze (de kinderen worden ergens dood teruggevonden). Het verhaal eindigt letterlijk met wie er het meeste doneert – bloed, nieren, longen en een scalpel. Beide families komen met een paar ledematen minder op straat en in de goot terecht. Bizar.

Daar valt mijn poging om een beetje iets goed te doen voor de wereld toch bij in het niet.

Pic van het boek van Sedaris maar dan in spiegelbeeld!

Kennismaking met Anselm Kiefer

Pas als je iets kunt herkennen, zie je het steeds vaker. Beter kan ik het gevoel dat ik gister had niet uitleggen. Maar waar het op neer komt… 

Eind mei was ik in Fort Worth, Texas. In een doodstil Modern Art Museum of Forth Worth dwaalde ik door de zalen en trof daar een indrukwekkend kunstwerk. Een groot opengeslagen stalen boek met daaraan twee enorme stalen vleugels. Echt erg mooi, ik kocht meteen een boekenlegger met de afbeelding van het vliegende boek - ‘Buch mit Flügeln’. Het kunstwerk bleek van de Duitse kunstenaar Anselm Kiefer te zijn. Ik had nog nooit van hem gehoord (shame on me?). Bij terugkomst in Nederland werd ik al snel opnieuw met het bestaan van deze meneer Kiefer geconfronteerd. 

Kiefer had in 2009 een opdracht van het Rijksmuseum gekregen om een soort spiegelbeeld of eigen versie van de Nachtwacht van Rembrandt te maken. Hij maakte echter, eigenzinnig of eigenwijs, een eerbetoon aan de werken van Van Gogh. Nu te zien in het Rijks. Ik heb het nog niet in real life gezien maar de foto’s in NRC beloofden nou niet heel veel indrukwekkends. De reactie van Wim Pijbes in NRC was ook een beetje vaag: “Pijbes was „heel blij” te zijn met Kiefers werk en gaf aan dat hij ook niet zat te wachten op een „één-op-één Nachtwacht van Kiefer”. Aha.

Hoe dan ook - gisteren was ik met een vriend - Bart - naar het Kröller-Müller museum in Otterlo. En ook daar weer een Kiefer – aan de muur hing een beetje rommelig tableau met veel riet en zwarte verf. Het tableau zelf vond ik nou niet meteen prachtig. De titel daarentegen intrigeerde me wel: Dein aschenes Haar Sulamith. Was dat niet ook een zin uit een gedicht van Paul Celan of Bertold Brecht? Thuis zocht ik het op – inderdaad van Paul Celan – uit zijn wereldberoemde gedicht ‘Todesfuge’. Door het gedicht denk ik inmiddels ook weer anders over het kunstwerk.

Maar ik ben ook vooral benieuwd, nu ik meneer Kiefer beter heb leren herkennen, waar hij de volgende keer opduikt!